Route 1: een gekochte kast laten monteren
Je koopt een kastsysteem in vaste maten en laat het opbouwen en verankeren. Dat gaat prima wanneer de muur recht is, de plint eenvoudig weggewerkt kan worden en er boven de kast een kier mag blijven. De montage zelf is meestal binnen een dag klaar.
- →Snelste route en de laagste eenmalige uitgave
- →Werkt goed bij rechte, moderne muren zonder obstakels
- →Er blijft doorgaans ruimte boven de kast en langs de zijkant
- →Bij een scheve muur ontstaat een zichtbare kier of een kitrand
Route 2: een bestaande kast laten aanvullen of inbouwen
Staat er al een kastsysteem waar je tevreden over bent, dan hoeft dat er niet uit. De ruimte eromheen kan worden opgevuld met maatwerk: een opzetkast tot aan het plafond, een passtuk tegen de schuine wand, een zijpaneel dat de kier dichtzet en fronten die het geheel één ding maken. JDG doet dit: bestaande kasten, bijvoorbeeld een Pax, kunnen worden aangevuld met onderdelen op maat.
- →Behoudt wat er al staat en werkt daaromheen
- →Wint vooral hoogte, want daar zit de meeste ongebruikte ruimte
- →Vraagt om inmeten ter plaatse, niet om standaardmaten
Route 3: meteen een kast op maat
De kast wordt getekend op de ruimte die er is: van muur tot muur, van vloer tot plafond, langs de schuine wand en om de radiator heen. De binnenindeling volgt wat je opbergt in plaats van wat het systeem toevallig aanbiedt. Dit is de duurste route in aanschaf en de enige waarbij er achteraf niets weggewerkt hoeft te worden.
- →Geen kieren, geen vulpanelen, geen kitrand als noodoplossing
- →De volle hoogte wordt gebruikt, ook onder een schuin dak
- →Indeling naar wat er in moet: hangen, vouwen, schoenen, koffers
- →Langere doorlooptijd, want het wordt gemaakt en niet gepakt
Waar het bij montage het vaakst misgaat
Drie dingen komen steeds terug. Muren zijn zelden haaks, zeker in oudere woningen — een kast van 240 centimeter past dan niet in een gat van 240 centimeter. Plinten en leidingkokers zorgen ervoor dat een kast niet tegen de muur aan kan. En de ruimte boven de kast blijft ongebruikt, terwijl daar juist de meeste opbergruimte zit die je nooit dagelijks nodig hebt.
Hoe je kiest
Meet de breedte van de wand op drie hoogtes: vlak boven de vloer, op ooghoogte en vlak onder het plafond. Verschillen die maten meer dan een centimeter, dan is de wand niet recht en ga je bij een kastsysteem sowieso passtukken nodig hebben. Is er meer dan dertig centimeter ruimte boven een standaardkast, dan is dat de goedkoopste opbergruimte die je nooit koopt. Met die twee maten in de hand is de keuze meestal binnen een minuut gemaakt.
